- een besluit van de Vergadering tot het verlenen van de toestemming als bedoeld in Artikel 27-1 dan wel Artikel 27-2 onder b, c en d dient te worden genomen met de in Artikel 56-5 vermelde meerderheid een dergelijk besluit kan alleen worden genomen indien:
- a. het betreffende gebruik niet in strijd is met het publiekrecht en/of eventuele verplichtingen jegens derden;.
- b. de andere Eigenaars en Gebruikers hierdoor niet onredelijk worden beperkt in het gebruik en genot van hun Privegedeelte; en.
- c. het van de Akte afwijkende gebruik door een besluit van de Vergadering genomen met de in Artikel 56-6 vermelde meerderheid kan worden beeindigd, zodanig dat het betreffende Privegedeelte weer overeenkomstig de daaraan in de Akte gegeven bestemming gebruikt dient te worden binnen een termijn van ten minste drie en ten hoogste zes maanden na het daartoe door de Vergadering genomen besluit.
|